KARELTJE EN SJONNIE

Kareltje de hamster en Sjonnie de giraffe
zijn als echte vrienden voor elkaar geboren
als Kareltje: hé Sjonnie! roept, rent Sjonnie op hem af
en dan moet je ze samen toch eens horen.

Sjonnie is heel lang en groot en Kareltje maar klein
maar toch zouden ze nooit iets anders willen
want als je echte vriendjes bent dan is het juist heel fijn
dat je samen bent en toch zo kunt verschillen.

Elke avond als de dierentuin dicht is, gaan alle hokken open en beleven Kareltje en Sjonnie samen veel spannende avonturen die altijd goed aflopen.

Lees, kijk en luister! Liedjes, verhaaltjes en afbeeldingen voor groot en klein over Kareltje de hamster en Sjonnie de giraffe.

Bedacht, geschreven en gezongen door Job Schuring. De muziek is van Paul Hock en Ronald Schmitz.


download de liedjes van deze CD:
bestel de CD met boekje:
  • LIEDJES
  • HELE LIEDJES
  • TEKSTEN

LuistervoorbeeldenArtiesttijdluister
01.Kareltje en SjonnieJob Schuring01:00
02.Piet de zeehondJob Schuring01:00
03.De vallende sterJob Schuring01:00
04.Dick de wolfJob Schuring01:00
05.Willemijn de poesJob Schuring01:00
06.Het geluid van KareltjeJob Schuring01:00
07.De nachtegaalJob Schuring01:00
08.Henk de goudvisJob Schuring01:00
09.De speeltuinJob Schuring01:00
10.Daan de wormJob Schuring01:00
11.Kareltje en SjonnieJob Schuring01:00
LuistervoorbeeldenArtiesttijdluister
01.Kareltje en SjonnieJob Schuring04:11
02.Piet de zeehondJob Schuring03:23
LuistervoorbeeldenArtiesttijdSong Text
01.Kareltje en SjonnieJob Schuring04:11

 

KARELTJE EN SJONNIE


kareltje de hamster en sjonnie de giraffe

zijn als echte vriendjes voor elkaar geboren

als kareltje: hé sjonnie! roept, rent sjonnie op hem af

en dan moet je ze samen toch eens horen

 

sjonnie is heel lang en groot en kareltje maar klein

maar toch zouden ze nooit iets anders willen

want als je echte vriendjes bent dan is het juist heel fijn

dat je samen bent en toch zo kunt verschillen

 

refrein

want kareltje en sjonnie zijn vrienden voor het leven

zonder kareltje geen sjonnie, zonder hamster geen giraffe

ze spelen altijd met z’n tweeën, altijd blij altijd tevreeën

zo gauw kareltje: hé sjonnie! roept, rent sjonnie op hem af

elke avond dan gebeurt er iets, maken ze weer wat mee

elke avond weer wat anders, maar altijd met z’n twee

 

als kareltje een appel wil, een appel uit de boom

klimt hij niet vanaf de stam zo naar de takken

nee kareltje roept sjonnie en die pakt hem dan gewoon

en daarna laat hij zijn nek heel rustig zakken

 

nee dat sjonnies nek zo lang is en kareltje zo klein

maakt ze niks uit, ze hebben het zelfs niet in de gaten

het enige dat lastig is wanneer ze samen zijn

is dat ze allebei wat harder moeten praten

 

refrein

 

want elke avond als het donker is en de dierentuin is dicht

gaan stiekem alle dierenhokken open

en als de sterren aan de hemel staan en de maan geeft

haar licht

dan zie je alle dieren buiten lopen

 

de olifant, de panter, de luipaard en de gnoe

ja geen enkel dier zit zich meer te vervelen

en kareltje die rent zo gauw hij kan naar sjonnie toe

en dan vraagt hij: sjonnie wil je met mij spelen?

 

Refrein


 

02.Piet de zeehondJob Schuring03:23

 

PIET DE ZEEHOND

 

op een avond liepen kareltje en sjonnie

langs het bad van piet de zeehond en zijn broers

dag piet dag henk dag johan en dag ronnie

wat is er jullie kijken zo jaloers

 

dat zijn we ook, riep piet ontevreden

kijk we hebben het hier helemaal gehad

kijk we hoeven geen hotel en het slapen gaat ook wel

maar het eten hier dat zijn we meer dan zat

 

elke middag staan de mensen weer te wachten

op het moment dat er voor ons weer eten is

de oppasser komt binnen, dus wij duiken wij springen

en wat zit er in zijn emmer: altijd vis

 

maar wij willen eens iets anders, een keer iets zonder graten

gewoon een keer iets lekkers, zonder schubben zonder vin

geen bokking of dorade, maar snoep met limonade

patat en pannenkoeken met stukjes ijs erin

 

wat! riepen alle vissen in het aquarium

zeg jongens hebben wij dat goed gehoord

de zeehond krijgt als eten vis, nou jongens dat is ernstig mis

er worden vriendjes en collegaatjes vermoord!

 

laat ze wat anders eten, geef ze een ander dier

gestoofd desnoods, gebakken of krokant

geef ze steenbok geef ze kwal, nee ik weet het al

geef ze eens gebraden olifant!

 

zijn jullie gek geworden! riepen de olifanten in koor

dat kan toch niet wij moeten blijven leven

wij zijn heel bijzonder en heel erg zeldzaam hoor

laat de oppasser gestampte muisjes geven

 

piep piep! riepen de muizen, wat een verschrikkelijk idee

zeg olifant dit zijn toch geen manieren

neem een baviaan ga daar maar fijn op staan

maar laat ons met rust, want wij zijn maar kleine dieren

 

waaat! riepen alle apen, iedereen blijft van ons af

neem de leeuw maar of de tijger of de beren

en zo ging het maar verder, maar toen kwam

sjonnie de giraf

en die zei heel vriendelijk: lieve dames en heren

maakt u zich geen zorgen, kareltje en ik hebben een plan

piet de zeehond en zijn broers die krijgen fruit

kastanjes, blaadjes, gras en stukjes struikgewas

en daarmee is ook ‘t probleem de wereld uit

 

piet de zeehond en zijn broers namen een hapje

het smaakt naar niks, zei piet, ik weet niet wat het is

maar toen hij hoorde wat het was maakte hij een grapje

een ding is duidelijk! zei hij, ‘t is vlees noch vis

03.De vallende sterJob Schuring

 

DE VALLENDE STER

(geen tekst)

04.Dick de wolfJob Schuring

 

DICK DE WOLF

kareltje de hamster en sjonnie de giraf

speelden op een avond bij de wilgenbomen

opeens kwam dick de wolf bang en geschrokken op hen af

en zei: luister, wat mij toch is overkomen

 

ik lag net fijn te liggen, lekker languit in het gras

zo gelukkig, ik kon het bijna niet geloven

krijg ik me daar ineens een jeuk, dus ik kijken wat het was

klimmen tíén mieren zo langs mijn buik naar boven!

 

ik ga gillen ik ga schreeuwen en ik sla ze van me af

en ik roep nog: doe me alsjeblieft geen pijn

want anders roep ik kareltje en sjonnie de giraf

maar het hielp niets, want je weet hoe mieren zijn

 

sjonnie zei: ach dickie toch, de mier ken ik allang

maar nog nooit heeft een mier iemand aangevallen

een mier is lief, een mier doet niets,

maar dick stamelde bang: nee, eentje niet, maar wat

dacht je met z’n allen?

 

ga jij maar eens kijken naar mieren in een mierenhoop

kijk maar goed naar wat die mieren daar presteren

ze bouwen tunnels, bruggen, wegen, en niet een

of twee maar tien

daar kan de bever en de rat nog wat van leren

ja met z’n allen zijn ze sterker dan de sterkste olifant

en ze eten zo een plant op of een struik

dus al zijn ze nog zo klein, dat ze heel gevaarlijk zijn

lijkt mij wel duidelijk, dus geen mieren op mijn buik!

 

knorrig nam hij afscheid en hij sjokte naar zijn huis

langs de hokken van de vogels en de spinnen

en ook al riepen ze ‘dag dickie’ sjagrijnig kwam hij thuis

hij liep zijn hok in… het leek wel feest daarbinnen

 

hij zag slingers en ballonnen en in het midden stond

een taart

met kaarsjes en dick werd wat verlegen

en toen hij nog eens keek, nog eens heel goed… ja het

leek

of hij in zijn hok iets zag bewegen

 

er kwam muziek uit de piano, en uit de trommel kwam

geluid

en heel zacht begon de fluit te spelen

dat ging zo een tijdje door en ineens klonk er een koor

en klonk er uit vierduizend mierenkelen

 

lieve lieve dick, het spijt ons echt heel erg

maar alsjeblieft ga nou niet langer zeuren

al dat gekriebel en die jeuk, ja dat is ook niet zo leuk

dus nogmaals sorry en het zal niet meer gebeuren

05.Willemijn de poesJob Schuring

 

WILLEMIJN DE POES

op een avond hoorden kareltje en sjonnie

vanuit de verte hendrik-jan de krokodil

want als hij boos was of geërgerd nou dan kon ie hard

praten!

en dan werd het niet meer stil

 

hendrik-jan de krokodil was niet echt aardig

hij deed zijn best wel maar hij was niet sympathiek

hij was vreemd en een beetje eigenaardig

hij deed zo uit de hoogte en zo sjiek

 

nu ook weer

hij stond daar maar te praten

maar tegen wie konden ze niet zo goed verstaan

dus ze kwamen dichterbij en toen hoorden ze dat hij zei:

u hoort hier niet, u zult weer moeten gaan

 

een dierentuin is voor bijzondere dieren

en u mevrouw bent maar gewoon een poes

dus ik zou zeggen: ga maar gauw, tot ziens ja dag mevrouw

hier horen nijlpaarden, hyena’s en kangoeroes

 

het poesje zei: maar ik kwam alleen maar even kijken

gewoon gezellig als dieren onder mekaar

ik zag net deze plek en dus kroop ik door het hek

meneer de krokodil dat is toch niet zo raar

 

dat is het wel, sprak hendrik-jan heel verontwaardigd

zeg wat denkt u wel het is hier geen asiel

en hebt u ‘t niet gehoord? ík was hier aan ‘t woord

dus het zou fijn zijn als u mij niet in de rede viel

 

en bovendien bent u hier ook niet uitgenodigd

u komt zomaar ongevraagd hier op bezoek

zeg hebt u wel fatsoen, stel dat wij dat zouden doen

neem van mij maar aan dan was het einde zoek

 

stel u voor zeg, wij komen met z’n allen

eens een avondje gezellig bij u thuis

ik hoor al het gegil: o daar loopt een krokodil!

en kijk een nijlpaard op ’t gasfornuis

 

hé zie je die gorilla’s daar op zolder

hé zie je die kameel op de wc

hé kijk eens zie je dat, er zwemt een olifant in bad

en in de schemerlamp daar zit een chimpansee

 

nee ik denk niet dat dat een succes zou wezen

net zo min als dat u hier nu bent

ieder heeft zijn eigen plek en die van u is bij het hek

althans niet hier, dat lijkt me evident

 

het poesje zei: nou ja meneer dan ga ik

en verdrietig wilde zij naar huis toe gaan

maar kareltje zei: hé poesje kom maar met ons mee

laat hem maar praten hoor en trek het je niet aan

en voorzichtig kwam het poesje bij hen zitten

eerst wat verlegen maar dat veranderde al gauw

want nadat sjonnie had gezegd: lieve poes we menen

het echt

jij hoort ook hier, zei het poesje zachtjes: miauw

 

en alle dieren wisten wat de poes miauwde

van de bever en het hert tot de mandril

dus ze riepen allemaal in hun eigen dierentaal:

je hebt gelijk hoor, ‘t is een stomme krokodil!

06.Het geluid van KareltjeJob Schuring

 

HET GELUID VAN KARELTJE

(geen tekst)

07.De nachtegaalJob Schuring

 

DE NACHTEGAAL

op een avond zaten kareltje en sjonnie

bij de vijver en ze hoorden kwak kwak kwak

sjonnie zei: hé daar gaan pieter, paul en gonnie

familie eend zwemt daar zo fijn op zijn gemak

 

ze zwemmen daar zo heerlijk in het water

zo zorgeloos, zo fijn en heerlijk sloom

en tussen al dat vrolijke gesnater door

zagen ze ineens een vogel in de boom

 

dag vogeltje! riepen de eendjes met z’n allen

hoe gaat het en bent u ook zo blij

is de zomer u ook zo goed bevallen

en houdt u ook van water zoals wij

 

o wat zouden wij toch dolgraag willen vliegen

ja echt vliegen, niet dat fladderen van een eend

maar vliegen heel hoog in de lucht, maar het vogeltje

slaakte een zucht

hij had zijn oogjes dicht en dat was wel wat vreemd

 

wat zucht u toch? vroegen de eendjes heel nieuwsgierig,

en waarom heeft u steeds uw oogjes dicht?

het beestje piepte hees: dat komt…’k heb hoogtevrees!

en hij hield zijn vleugeltjes heel bang voor zijn gezicht

o wat zielig! riepen de eendjes met z’n allen,

zo’n lief vogeltje en dan zo vreselijk bang

zo bang om zomaar op de grond te vallen

zeg lief vogeltje zit je hier al lang?

 

nou in het voorjaar kwamen wij het land in bij IJmuiden

met mijn vader en mijn moeder en al mijn broers

en straks in de herfst vliegen wij weer naar het zuiden

naar het zuiden? vroegen de eendjes een tikkeltje jaloers

 

nou zo leuk is dat niet! sprak het vogeltje bijna huilend

dan moet ik vliegen en stel dan dat ik val

dat ik al vliegend zomaar hop vanuit de lucht

in één beweging op de grond neerstorten zal

 

nee dan zit ik nog liever stil en bang op deze tak

met mijn oogjes dicht, dan zie ik de afgrond niet

maar toen kwam sjonnie de giraffe en die haalde het

vogeltje eraf

en zette hem heel voorzichtig bij het riet

 

je bent nu veilig hoor! riepen de eendjes met z’n allen

je kunt weer spelen en je hoeft nooit meer bang te zijn

het vogeltje deed zijn oogjes open en riep: hoera ’t is afgelopen

vanaf nu hoef ik nooit meer een vogeltje te zijn

vanaf nu ben ik een eendje net als jullie

ik ga ook waggelen en fladderen want dat gaat

niet zo hoog

nee daar is geen kunstje aan en hij waggelde achter ze

aan veertien eendjes en één vogeltje dat nooit meer

verder vloog

 

08.Henk de goudvisJob Schuring

 

HENK DE GOUDVIS

op een mooie winteravond in januari

schaatsten kareltje en sjonnie op de sloot

net als jan de olifant en piet kanarie

het was prachtig en iedereen genoot

 

alle dieren kon je horen fluiten

alleen henk de goudvis was behoorlijk uit zijn hum

alle dieren spelen vrolijk buiten

en ík zit in zo’n stom aquarium

 

wij vissen zitten elke dag maar binnen

met zeewier en een schelpje achter glas

kan niemand eens iets nieuws verzinnen?

ik wou dat ik een ander beestje was

 

kareltje en sjonnie hoorden hem snikken

want het klonk overduidelijk als blub blub blub blub

sjonnie zei: dit hoeft henk toch niet te pikken

zo komt ie van de regen in de drup

 

kareltje keek sjonnie aan en zei toen enthousiast

ik heb een plan maar we moeten snel besluiten

zeg denk jij dat henk in een koffiekopje past

zo ja dan kan ie met ons mee naar buiten

zo gezegd en zo gedaan en even later

weer bij de sloot op hun vertrouwde plaats

zwom henkie in een koffiekop met water

met kareltje en sjonnie op de schaats

 

henk de goudvis vond alles mooi en prachtig

zo vaak hij kon stak hij zijn kop over de rand

want dan kon hij alles zien, maar na een keer of tien

ging het steeds moeilijker en werd het zwaarder, want

 

het water in het kopje werd steeds kouder

er kwam een vliesje op dat steeds maar dikker werd

als hij naar boven keek kreeg hij het steeds benauwder

want steeds vaker was de opening versperd

 

en na een tijdje kon hij nauwelijks meer bewegen

het ijs zat op zijn hele huid

en het laatste wat ze te horen kregen

was volgens kareltje en sjonnie: blub me eruit!

ze brachten het kopje weer naar binnen

en zeiden: sorry henk, het ging een beetje mis

maar je moet het maar zo zien, dat na de schol en

de sardien

zit in ‘t aquarium nu ook een diepvriesvis

 

en ze lachten en dat was nou het mooie

want ze wisten: henk gaat heus wel weer ontdooien!

09.De speeltuinJob Schuring

 

DE SPEELTUIN

(geen tekst)

10.Daan de wormJob Schuring

 

DAAN DE WORM

kareltje de hamster en sjonnie de giraf

waren aan ‘t schuilen want het regende enorm

kletsnat van de regen kwam er een piepklein beestje op

hen af

en het zei bibberend: dag ik ben daan de worm

 

mag ik bij jullie schuilen, want dan word ik weer droog

ach ik kom bijna nooit boven de grond

maar vandaag dacht ikineens: ach ik klim eens naar omhoog

‘k wilde eens weten hoe het er eigenlijk mee stond

 

maar dat het zo zou regenen, nee dat had ik niet verwacht

en dat ik nat zou worden, nee dat evenmin

en wat een kleine hokken, nee ik ben snel weer vertrokken

zo gauw ik droog ben vlucht ik de grond weer in

 

zeg is er niks te eten, wat nootjes of wat kaas

of wat te drinken, siroop of limonade

is er niks dat past bij een hongerige gast

bij een kleddernatte worm of eigenlijk: made

 

refrein

want al ben ik dan een made, toch noem ik me liever worm

dat is sjieker en het heeft veel meer allure

want kijk nou toch eens naar me, naar die prachtig lange (mooie) vorm

ja ik heb een van de mooiste dierfiguren

maar toch blijf ik bescheiden, want zo ben ik, ben ik bang

want als ik op zou scheppen noemde ik mezelf wel slang!

 

kareltje en sjonnie keken elkaar aan

en zeiden zachtjes tegen elkaar

wat een grote uitslover, wat een opschepper die daan

zo klein en dan zo’n grote mond, hoe krijgt hij ‘t voor

mekaar!

 

maar daan de made hoorde niets,

hij ging maar door met praten

zeg heren, zei hij nuffig, deze regen lijkt wel storm

al dat water op mijn kop, wanneer houdt dat nou eens op

’t is te gek, ‘k lijk wel een régenworm

 

Refrein

 

kareltje en sjonnie keken elkaar weer aan

en daarna keken ze allebei omhoog

toen zei sjonnie: hé, ik heb een prachtig mooi idee

hij zei: daan je kunt weer gaan hoor, ‘t is weer droog!

 

maar daan was nog niet weg of het kwam weer naar

beneden

bakken vol met regen, en daan die werd weer kleddernat

kareltje keek sjonnie aan en zei toen heel tevreden

moet je maar niet sjiek doen, want ja dan krijg je dat

het onweerde en de wind begon te huilen

en sjonnie zei: gezellig hè, zo samen schuilen

11.Kareltje en SjonnieJob Schuring

 

KARELTJE EN SJONNIE

want kareltje en sjonnie zijn vrienden voor het leven

zonder kareltje geen sjonnie, zonder hamster geen giraffe

ze spelen altijd met z’n tweeën, altijd blij altijd tevreeën

zo gauw kareltje: hé sjonnie! roept, rent sjonnie op hem af

elke avond dan gebeurt er iets, maken ze weer wat mee

elke avond weer wat anders, maar altijd met z’n twee

 

kareltje de hamster en sjonnie de giraffe

beleven altijd weer wat anders,

maar het loopt altijd heel goed af

 

 

RECENSIES  |  DISCLAIMER  |  HELP copyright 2010